Onderzoek Magnesium bij paarden

Spierpijn bij je paard. We kennen het allemaal en doen er tijdens en na de training van alles aan om het te voorkomen. Kees Kalis van de Geneeskundige Dienst heeft een ‘nieuw’ puzzelstukje gevonden dat past in het spierpijnvraagstuk. Dat puzzelstukje heet: Magnesium.

Kees Kalis van de Geneeskundige Dienst (GD) heeft in zijn loopbaan veel onderzoek gedaan bij runderen en paarden. Diverse keren kwam in dit onderzoek het belang van Magnesium naar voren. Op een gegeven moment besloot Kalis onderzoek te doen naar de Magnesiumwaarden in het bloed van paarden. ‘Voor ik me ben gaan verdiepen in deze materie heb ik bekeken wat voor onderzoek er al gedaan was. Dat viel tegen, daarom ben ik zelf op onderzoek uit gegaan. Ik heb enkele honderden bloedmonsters van de Gezondheidsdienst voor Dieren bekeken waarin Magnesium bepaald was. Dat waren bloedmonsters van paarden met zeer uiteenlopende verschijnselen. De paarden hadden gemeen dat ze ‘iets’ mankeerden, anders was er voor de eigenaren geen aanleiding om het monster op te sturen. Het resultaat was opzienbarend. Maar liefst 55 procent van de zieke paarden had een Magnesiumwaarde onder de normaalwaarde! Vervolgens namen we bloedmonsters van gezonde paarden om te kijken hoe het met hun Magnesiumwaarde. Van deze groep zat maar 22-23 procent onder de normaalwaarde. Een groot verschil dus, waarbij twee zaken geconcludeerd konden worden. Ten eerste hebben zieke paarden vaker een tekort aan Magnesium. Ten tweede blijkt ruim twintig procent van de gezonde paarden ook een tekort aan Magnesium te vertonen. Ik vond dat redelijk alarmerend’.

Zieke paarden hebben dus vaker een tekort aan Magnesium dan gezonde paarden. Kalis: ‘In dit onderzoek is niet gekeken naar welke ziekte de paarden van de betreffende bloedmonsters hadden. Van de werking van Magnesium is echter wel het een en ander bekend. Magnesium heeft ondermeer effect op de energiehuishouding en –benutting. Verder speelt het samen met Calcium een belangrijke rol bij de werking van spieren. Simpel gezegd zorgt Calcium voor het aanspannen van de spieren en Magnesium voor de ontspanning. Het komt wel eens voor dat een paard na hevige inspanning een tekort aan Magnesium vertoont. Zo’n paard staat te trillen op zijn benen en krijgt de spieren niet meer ontspannen. Een extreem voorbeeld dat vooral na een stressituatie optreedt. Dat een paard een tekort aan Magnesium zo laat zien, komt lang niet altijd voor. Andere symptomen zijn vaak wat minder extreem, maar als ruiter merk je wel aan je paard dat hij niet lekker in zijn vel zit.’

Slechte botkwaliteit

In eerste instantie zal Magnesiumtekort klinisch leiden tot problemen met spieren. Een langdurig tekort leidt tot andere problemen. ‘In feite heeft een paard iedere dag Magnesium nodig. Vroeger speelde tekorten aan Magnesium helemaal niet. Paarden kregen toen zomaar acht kilo krachtvoer, waardoor ze altijd genoeg mineralen binnenkregen. Door die overdosis aan krachtvoer ontstonden wel weer andere problemen, maar daar hebben we het nu niet over. In de loop der jaren kwam het inzicht dat krachtvoer als aanvulling op het ruwvoer gezien moet worden. Daarmee is voor de meeste sportpaarden het krachtvoer rantsoen naar beneden bijgesteld. Wanneer een paard niet genoeg Magnesium binnenkrijgt, moet hij een beroep doen op zijn reserves.’ Kalis legt uit waar het paard de Magnesiumreserve opslaat: ‘De natuur heeft ervoor gezorgd dat een paard in noodgevallen gebruik kan maken van de Magnesium die is ingebouwd in het botweefsel. Magnesium, Calcium en Fosfor vormen immers de bouwstenen van het skelet. Omdat oud bot regelmatig wordt vervangen door nieuw bot, komen de mineralen kalk, Fosfor en Magnesium tijdelijk vrij in het bloed, waardoor Magnesium beschikbaar komt voor het paardenlichaam. In tegenstelling tot wat mensen denken, is het skelet van het paard dynamisch. Het is normaal dat een paard dagelijks een klein stukje skelet afbreekt en weer nieuw vormt, waardoor tijdelijk de reserves vrij komen. Als er uit de reserves geput wordt, bevat het nieuwe bot minder mineralen dan voorheen. Dit proces heet demineralisatie. Op het moment dat een paard ernstige langdurige Magnesiumtekorten heeft, zal het skelet niet meer van dezelfde goede kwaliteit zijn.’ De gevolgen van Magnesiumtekorten gaan dan verder dan spierproblemen. ‘Bij een langdurig tekort ontstaan makkelijker blessures. Want een mindere kwaliteit bot kan nooit die (sport)belasting aan die een goede kwaliteit bot wel aan kan. Dat kan zich op verschillende manieren uiten. Een voorbeeld is problemen met de aanhechting van de pezen, doordat het botweefsel daar elastischer geworden is. Daardoor rekt het zeer gevoelige botvlies iets uit.’

Competitie

Het is toch niet zo ingewikkeld om wat extra Magnesium door het paardenvoeder te doen? ‘Nee, maar ik denk dat niemand op het idee kwam dat bepaalde problemen te herleiden waren naar een tekort aan Magnesium. Voor mij is dat net zoiets als de overmaat aan Calcium in paardenvoeder. Waarom doen de voederleveranciers dat? Volgens mij komt dat nog door vroeger. Toen leefden de paarden op granen. Daar zat heel veel Fosfor in. Om de verhouding Fosfor/Calcium goed te krijgen, moest er gecompenseerd worden met extra Calcium. Ik heb in mijn studie nog geleerd dat paarden beenproblemen zouden krijgen door fosfaatoverschotten. Dat fabeltje blijft maar doorgaan, ook nu de voeding van paarden veranderd is en uit bloedonderzoek onder een grote groep Nederlandse paarden blijkt, dat paarden eerder aan de bovengrens van de Calciumwaarde zitten, dan dat ze een tekort vertonen. De verhouding van Calcium, Magnesium en Fosfor in het bot is altijd hetzelfde, namelijk dertig gram Calcium, veertien gram Fosfor, een gram Magnesium. Als een paard een gram Magnesium uit zijn reserves aanspreekt, heeft dat meer effect op het demineralisatieproces dan wanneer er gram Calcium uit de reserves wordt gehaald. Als er te zwaar aanspraak gemaakt moet worden op de reserves in het bot, dan vermindert de kwaliteit hiervan, met alle gevolgen van dien. Ook de verhouding tussen de hoeveelheid Calcium en Magnesium is van belang. Beiden zijn tweewaardige mineralen. De benutting van het ene tweewaardige mineraal beïnvloedt de benutting van het andere. Daar bestaat een soort competitie tussen. Calcium en Magnesium hebben gemeenschappelijke ‘bindingsplaatsen’. Een overdosis aan Calcium verdringt Magnesium van deze bindingsplaatsen, waardoor de Magnesium zonder opgenomen te worden, er weer via de urine uitkomt. Een overmaat aan Calcium in de voeding veroorzaakt daardoor een tekort aan Magnesium. Dan ben je dus weer terug bij af. Dat is direct de reden dat ik meestal niet enthousiast kan worden van veel supplementen waar Magnesium in zit. Vaak is dit gecombineerd met Calcium (krijt als drager). Dan is zo’n supplement weggegooid geld.’

Praktische aanpak

Om ervoor te zorgen dat een paard voldoende Magnesium binnen krijgt, is goed voermanagement belangrijk. Lang niet al het ruwvoer beschikt automatisch over de juiste hoeveelheid magnesium. Aanvulling in de vorm van krachtvoer is nodig. Maar hoeveel Magnesium heeft een paard dan precies nodig? ‘Robert Puls, een Canadese mineralengoeroe heeft hier veel onderzoek naar gedaan en publiceerde dit in een boek. Dat boek gebruik ik al jaren. Deze man had als norm voor het voer dat er zelfs 3,9 gram Magnesium per kilogram droge stof in hoorde te zitten om onder alle omstandigheden Magnesiumgebrek te voorkomen’, stelt Kalis. Hij vervolgt: ‘Het is aan de paardenhouder om het etiket van de voederzakken goed te bekijken. Dat hebben wij ook gedaan. Wij analyseerden welke soorten krachtvoer er allemaal waren. We kwamen uit op 140 soorten! In eerste instantie dacht ik ‘hoe kun je als paardenhouder ooit het goede voer kiezen, als er zoveel verschillende soorten zijn?’. Daarna bracht ik met name de Calcium-, Fosfor- en Magnesiumwaarden in kaart. Er bleek een grote spreiding tussen de samenstelling van deze drie mineralen te zijn. Wat betreft Magnesium varieerde de hoeveelheid tussen één en vijf gram per kilogram droge stof. Ten opzichte van de norm van Pulse (3,9 gram Magnesium per kilogram droge stof) bevatte meer dan de helft van de brokken te weinig Magnesium, al dan niet in combinatie met een veel te grote dosis Calcium.’

Hoe kun je er als paardeneigenaar nu voor zorgen, dat je paard geen Magnesiumtekort krijgt? ‘Ik ben zelf simpel ingesteld. Magnesium kost weinig, dus geef ze gewoon extra Magnesium. Als je te veel voert, heeft dat geen negatieve effecten. Wat een paard te veel aan Magnesium binnen krijgt, gaat er via de urine weer uit. Deze oplossing is niet voor iedere paardenhouder ideaal. Aan veel paardenhouders is het aan te raden ervoor te zorgen dat de juiste hoeveelheid en de juiste verhouding Magnesium in het dagelijkse voederrantsoen is opgenomen. Met alleen ruwvoer kom je er niet. Je moet dus zorgen voor uitgebalanceerd krachtvoer dat de tekorten aanvult. Kijk dus goed op naar de samenstelling van het voer op het etiket. Daar kan je de waardes en de verhoudingen vinden. Let er bij het aankopen van het krachtvoer op dat de verhouding Calcium / Magnesium klopt. Deze moet zijn 2-3:1. De meeste (sport)voeders kennen echter een verhouding van 5:1, en bevatten dus duidelijk te veel Calcium ten opzichte van de hoeveelheid Magnesium. Nogmaals, meer Magnesium moet, maar helpt alleen als het ten opzichte van Calcium in de juiste verhouding gegeven wordt. Tenslotte: twijfel je of je paard voldoende Magnesium binnen krijgt, laat dan een bloedmonster nemen en controleer op die manier of de Magnesiumwaarde op peil is’, besluit Kalis. 

Bron: Hoefslag

http://www.dehoefslag.nl/verzorging/magnesium.html