
Cushing, ook wel PPID (Pituitary Pars Intermedia Dysfunction) genoemd, is een hormonale aandoening bij oudere paarden en pony’s. De ziekte beïnvloedt de hormoonhuishouding en kan gevolgen hebben voor de energie, vacht, weerstand en algehele conditie van het paard.
Wat is Cushing (PPID) bij paarden precies?
Bij een paard met PPID werkt de hypofyse, een kleine hormoonklier in de hersenen, niet goed. De hypofyse maakt te veel van het hormoon ACTH aan. Dit beïnvloedt op zijn beurt de werking van andere organen en hormonen in het lichaam. Dit proces verloopt langzaam, waardoor de signalen in het begin vaak onopgemerkt blijven. De aandoening komt vooral voor bij paarden ouder dan 15 jaar, maar kan ook bij jongere dieren optreden. Cushing is een aandoening die niet te genezen is, maar met de juiste zorg kan een paard nog jarenlang prettig leven.
Symptomen van Cushing bij paarden
De symptomen van Cushing kunnen verschillen per paard en ontwikkelen zich vaak langzaam. De meest voorkomende signalen zijn:
- Lange of krullerige vacht die niet goed uitvalt in het voorjaar
- Sloomheid of verminderde energie
- Gewichtsverlies ondanks een goede eetlust
- Spierafname (vooral op de rug en achterhand)
- Vetophopingen boven de ogen of op de manenkam
- Overmatige dorst en veel plassen
- Terugkerende hoefbevangenheid
- Verminderde weerstand en langzame wondgenezing
Niet elk paard vertoont alle symptomen. Soms begint het met subtiele veranderingen, zoals een iets langere vacht of een minder glanzende huid.
Hoe wordt de ziekte van Cushing vastgesteld?
Een dierenarts kan via een bloedtest de hoeveelheid ACTH in het bloed meten. Op basis van de uitslag, het seizoen en de symptomen kan de diagnose PPID worden gesteld. Omdat het ACTH-niveau door seizoensinvloeden kan variëren, wordt vaak een herhalingstest geadviseerd.
Cushing en voeding
Naast voorgeschreven medicatie van een dierenarts en eventuele behandeling is voeding voor je paard ook belangrijk. Omdat de suikerstofwisseling bij paarden met Cushing verstoord is, vraagt dit om extra aandacht.
Suikerarm rantsoen
Paarden met Cushing hebben baat bij een suiker- en zetmeelarm rantsoen. Het is daarom erg belangrijk om ook op het ruwvoer van je paard te letten. Laat het, indien mogelijk, testen op suikergehalte. Wanneer dit te hoog is, kun je overstappen op ruwvoer dat speciaal samengesteld is met een laag suiker- en zetmeelgehalte.
De Multivitamine brok van PharmaHorse bevat alle essentiële vitaminen en mineralen (volgens de ADH) en is zeer laag in natuurlijke suikers (1,6%). Deze brok past daardoor goed binnen een suikerarm rantsoen.
Veel paarden krijgen lijnzaadolie als aanvulling op het rantsoen. Lijnzaadolie bevat omega 3-, 6- en 9-vetzuren en geen suiker of zetmeel. Ook wanneer bij je paard Cushing is vastgesteld, kun je dus gerust lijnzaadolie blijven geven.
Weidemanagement
Naast suiker in voeding, zit er ook suiker (fructaan) in gras. Fructaan is een vorm van suiker die vooral voorkomt in jong gras of gras dat groeit onder koude, zonnige omstandigheden. Een zorgvuldig weidemanagement helpt om de suikerinname te beperken. Dit kan bijvoorbeeld door de weidetijd aan te passen of gebruik te maken van een graasmasker.
Kruiden en supplementen
Naast het aanpassen van de voeding kun je je paard ondersteunen met verschillende kruiden.*
| Monnikspeper | Natuurlijke ondersteuning van de hormoonhuishouding* |
| Mariadistel | Ondersteuning van de leverfunctie en stofwisseling* |
| Kurkuma | Ondersteuning van de algehele vitaliteit en weerstand* |
| Brandnetel | Ondersteuning van de afvoer van afvalstoffen en de bloedsomloop* |
| Magnesiumcitraat | Ondersteunt een normale spierwerking en ondersteunt het energieniveau |
| RRR Natuurlijke Vitamine E Complex | Ondersteunt een normale spierwerking en ondersteunt de normale werking van het zenuwstelsel |
Deze kruiden worden vaak ingezet ter ondersteuning van de natuurlijke stofwisseling en vitaliteit van het paard.*
Het Pharmahorse Cush pakket bevalt al deze kruiden en supplementen in 1 pakket.
Gebruik kruiden en supplementen altijd als aanvulling op een uitgebalanceerd rantsoen en bij voldoende ruwvoer. Gebruik het niet als vervanging van voorgeschreven medicatie of dierenartsadvies.
*Evaluatie gezondheidsclaims zijn lopende.
Wat kun je doen bij een paard met PPID?
PPID is een chronische aandoening die niet te genezen is, maar met de juiste zorg kan een paard vaak nog jarenlang een comfortabel en actief leven leiden.
Naast voeding zijn ook andere aspecten van het management belangrijk:
- Regelmatige controle door de dierenarts, zodat de behandeling en het management kunnen worden afgestemd op het paard
- Voldoende beweging, passend bij de conditie van het paard
- Goede hoefverzorging en alertheid op tekenen van hoefbevangenheid
- Rust en regelmaat in de dagelijkse verzorging
Sommige paarden krijgen van de dierenarts medicatie om de hormoonproductie te reguleren. Daarnaast kan het ondersteunen van de algehele weerstand en stofwisseling helpen om het paard zo fit mogelijk te houden.
Oudere paarden en extra zorg
Bij oudere paarden is het zinvol om regelmatig de algehele gezondheid te evalueren. Een stabiel gewicht, een soepele vachtwissel en een goede eetlust zijn belangrijke signalen van welzijn. Een uitgebalanceerd rantsoen, voldoende ruwvoer en dagelijkse beweging dragen bij aan een gezonde stofwisseling.
Conclusie
Cushing (PPID) is een chronische hormonale aandoening die vaak voorkomt bij oudere paarden. De aandoening vraagt om zorgvuldige observatie, regelmatige controle door de dierenarts en een passend management. Met de juiste verzorging kan een paard met PPID vaak nog jarenlang een prettig en actief leven leiden.
Bron: Universiteit Utrecht, Faculteit Diergeneeskunde (2020) – Cushing bij paarden (PPID)
Cushing (PPID) bij paarden
- Komt vooral voor bij paarden ouder dan 15 jaar
- Wordt veroorzaakt door een overactieve hypofyse (te veel ACTH)
- Niet te genezen, maar goed te managen met voeding en verzorging
- Belangrijke signalen: lange vacht, sloomheid, spierafname, hoefbevangenheid